Wat loonheffing is
Loonheffing is het bedrag dat je werkgever elke periode op je brutoloon inhoudt voor de loonbelasting en de premie volksverzekeringen, en dat hij afdraagt aan de Belastingdienst. Het is geen aparte belasting, maar een voorheffing: een voorschot op de inkomstenbelasting die je over het hele jaar verschuldigd bent. Aan het eind van het jaar wordt bekeken of het voorschot klopte.
Het woord wordt vaak verward met "loonheffingen", in het meervoud. Dat is de verzamelnaam die de Belastingdienst gebruikt voor alles wat via de loonaangifte loopt: loonbelasting, premie volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen en de werkgeversheffing Zorgverzekeringswet. Op je loonstrook zie je alleen het enkelvoud, de loonheffing, omdat de premies werknemersverzekeringen door de werkgever worden betaald en niet op je netto drukken.
Het stelsel bestaat omdat het voor de overheid en voor jou eenvoudiger is als de belasting aan de bron wordt ingehouden. Jij hoeft niet maandelijks geld apart te zetten, en de Belastingdienst ontvangt de belasting gespreid over het jaar via de loonaangifte van je werkgever.
Loonbelasting en premie volksverzekeringen
De loonheffing bestaat uit twee delen die je op de strook zelden apart ziet, maar die wel een eigen doel hebben.
Loonbelasting
De loonbelasting is de voorheffing op de inkomstenbelasting. Ze wordt berekend over het heffingsloon, dat is je brutoloon min aftrekposten zoals de pensioenpremie, plus belaste bijtellingen. Hoe dat heffingsloon tot stand komt lees je in bruto naar netto.
Premie volksverzekeringen
De premie volksverzekeringen dekt drie verzekeringen waar iedereen die in Nederland woont of werkt onder valt: de AOW (ouderdomspensioen), de Anw (nabestaanden) en de Wlz (langdurige zorg). De premie wordt alleen geheven in de eerste schijf; boven een bepaald inkomen betaal je er geen extra premie meer over. Daarom is het gecombineerde tarief in de eerste schijf hoger dan in de tweede, hoewel de loonbelasting zelf daar juist lager is.
Indicatieve opbouw van het gecombineerde tarief van circa 35,7 % in de eerste schijf. De exacte percentages staan in de publicaties van de Belastingdienst.
Wie de AOW-leeftijd heeft bereikt, betaalt geen AOW-premie meer. Voor die werknemers gebruikt de werkgever een aparte tabel met een lager tarief in de eerste schijf. De werkgever leidt dat af uit de geboortedatum; je hoeft er zelf niets voor te doen.
Witte en groene tabel
De werkgever berekent de loonheffing niet zelf met percentages, maar leest hem af uit de loonbelastingtabel die de Belastingdienst elk jaar publiceert. Er zijn tabellen per loontijdvak (dag, week, vier weken, maand, kwartaal) en per soort loon.
| Tabel | Voor wie | Wat erin zit |
|---|---|---|
| Witte tabel | Loon uit tegenwoordige dienstbetrekking: werknemers die nu werken | Algemene heffingskorting én arbeidskorting, in de kolom "met loonheffingskorting" |
| Groene tabel | Loon uit vroegere dienstbetrekking: pensioen, uitkering, ontslagvergoeding | Alleen de algemene heffingskorting; geen arbeidskorting |
| Tabel bijzondere beloningen | Eenmalige beloningen: vakantiegeld, bonus, dertiende maand, overwerk | Vast percentage op basis van het jaarloon van vorig jaar |
Op de loonstrook staat welke tabel is gebruikt, meestal met een code en de aanduiding "wit" of "groen". De tabelkleur ligt niet aan het soort contract maar aan het soort inkomen: ook een oproepkracht of een stagiair met loon valt onder de witte tabel.
Binnen elke tabel zijn twee kolommen: met en zonder loonheffingskorting. De korting is in de tabel al verrekend, dus de werkgever hoeft alleen de juiste kolom te kiezen. Bij een verkeerde kolom klopt de loonheffing niet, en dat merk je direct in je netto.
Tarieven en schijven in 2026
De tabel is afgeleid van de tarieven van de inkomstenbelasting. In 2026 gelden drie schijven. De percentages hieronder zijn afgerond; de Belastingdienst publiceert de exacte cijfers en de schijfgrenzen.
- Eerste schijf — circa 35,7 %: een laag tarief loonbelasting plus de volledige premie volksverzekeringen.
- Tweede schijf — circa 37,5 %: alleen loonbelasting, geen premie volksverzekeringen meer.
- Derde schijf — 49,5 %: het toptarief over het deel van het inkomen boven de tweede schijf.
Deze percentages gelden over het jaarinkomen, maar de werkgever rekent per periode. De tabel vertaalt de jaarschijven daarom naar bedragen per maand of per vier weken, alsof je het hele jaar hetzelfde verdient. De heffingskortingen zijn erin verwerkt en bouwen af naarmate het loon stijgt. Daardoor is de loonheffing bij lage lonen nul of bijna nul, en stijgt het percentage geleidelijk mee.
Iemand met een modaal loon betaalt geen 35,7 % loonheffing over zijn hele loon. Door de algemene heffingskorting en de arbeidskorting ligt het werkelijke percentage over een maandloon vaak tussen de 15 en 25 %. Kijk op de strook naar de verhouding tussen loonheffing en heffingsloon.
Zo berekent de werkgever de loonheffing
Elke verloning doorloopt dezelfde stappen. Ze gelden voor een maandloon net zo goed als voor een vierwekenloon; alleen de tabel verschilt.
- Heffingsloon bepalen
Brutoloon, min de aftrekbare pensioenpremie, plus belaste bijtellingen zoals een auto van de zaak. Onbelaste vergoedingen blijven buiten beschouwing.
- Tabel kiezen
Wit of groen, het juiste loontijdvak en het juiste belastingjaar. Voor werknemers met de AOW-leeftijd de bijbehorende variant.
- Kolom kiezen
Met of zonder loonheffingskorting, volgens wat de werknemer schriftelijk heeft opgegeven bij indiensttreding of daarna heeft gewijzigd.
- Bedrag aflezen
De tabel geeft bij het heffingsloon direct het bedrag aan loonheffing. Dat bedrag wordt ingehouden en in de loonaangifte opgenomen.
- Bijzondere beloningen apart
Vakantiegeld, een bonus of overwerk gaan niet door de gewone tabel maar worden belast tegen het bijzonder tarief. Zie bijzonder tarief.
Rekenvoorbeeld: loonheffing over een maandloon
Een werknemer van 41 jaar heeft een heffingsloon van € 3.200,00 per maand na aftrek van de pensioenpremie. De loonheffingskorting is toegepast. De bedragen zijn afgerond en indicatief; de tabel van de Belastingdienst is leidend.
Het voorbeeld laat zien waarom de loonheffingskorting zoveel uitmaakt: de kortingen halveren hier de loonheffing. Bij een hoger loon wordt het effect kleiner, omdat beide kortingen boven een bepaald jaarloon afbouwen en een groter deel van het loon in de tweede schijf valt.
Zo doen wij dit
De juiste tabel, zonder opzoekenPayflo bewaart de loonbelastingtabellen per belastingjaar en leidt per werknemer de tabelcode af uit kleur, loontijdvak en AOW-leeftijd. De loonheffingskorting staat per werknemer op ja of nee, vakantiegeld gaat automatisch tegen het bijzonder tarief, en de assistent kan uitleggen waarom een bedrag is wat het is.
Liever geen omkijken? Payflo is een loonadministratiekantoor uit Kampen: wij doen dit voor je, met onze eigen software. Straks doe je het zelf, als je wilt.
Mail ons over je loonadministratieVan loonheffing naar aangifte inkomstenbelasting
De loonheffing is een voorschot, en een voorschot kan te hoog of te laag zijn. De tabel gaat ervan uit dat je het hele jaar hetzelfde verdient bij dezelfde werkgever. Wijkt je situatie daarvan af, dan klopt de som over het jaar niet precies.
- Te veel ingehouden — je hebt een deel van het jaar niet gewerkt, je loon is halverwege gedaald, of de loonheffingskorting stond op nee terwijl je er recht op had. Je krijgt het verschil terug via de aangifte.
- Te weinig ingehouden — je had twee werkgevers die allebei de korting toepasten, of een bijzondere beloning is tegen een te laag percentage belast. Je betaalt bij.
- Precies goed — één werkgever, het hele jaar hetzelfde loon, korting bij die werkgever. Dan is de loonheffing vrijwel gelijk aan de inkomstenbelasting, zeker als je geen aftrekposten hebt.
De brug tussen beide is de jaaropgave. Daarop staan het totale heffingsloon, de totale ingehouden loonheffing en de verrekende arbeidskorting. De Belastingdienst heeft die gegevens al uit de loonaangiften van je werkgever en zet ze in de vooraf ingevulde aangifte; jij controleert of ze kloppen.
De ingehouden loonheffing staat per werknemer in het nominatieve deel van de loonaangifte en als totaal in het collectieve deel. Wat je inhoudt, moet je uiterlijk de laatste dag van de maand na het tijdvak hebben aangegeven en betaald.
Veelgestelde vragen over loonheffing
Is loonheffing hetzelfde als loonbelasting?
Niet helemaal. Loonheffing is de optelsom van loonbelasting en premie volksverzekeringen (AOW, Anw en Wlz). Op de loonstrook staat meestal alleen het totaal, omdat de werkgever beide in één bedrag inhoudt en afdraagt.
Wat is het verschil tussen de witte en de groene tabel?
De witte tabel geldt voor loon uit tegenwoordige dienstbetrekking, dus voor werknemers. De groene tabel geldt voor loon uit vroegere dienstbetrekking, zoals pensioen en uitkeringen. In de groene tabel zit geen arbeidskorting.
Hoeveel procent loonheffing betaal ik in 2026?
De tarieven zijn circa 35,7 procent in de eerste schijf, circa 37,5 procent in de tweede en 49,5 procent daarboven. Door de heffingskortingen is het werkelijke percentage over een gewoon maandloon meestal duidelijk lager. De tabel van de Belastingdienst is leidend.
Krijg ik te veel ingehouden loonheffing terug?
Ja. De loonheffing is een voorheffing op de inkomstenbelasting. Is er over het hele jaar meer ingehouden dan je verschuldigd bent, dan krijg je het verschil terug via de aangifte inkomstenbelasting.
Betaal ik na mijn AOW-leeftijd nog loonheffing?
Ja, maar minder. Vanaf de AOW-leeftijd betaal je geen AOW-premie meer. De werkgever gebruikt dan een aparte tabel met een lager gecombineerd tarief in de eerste schijf.
- Belastingdienst, Handboek Loonheffingen 2026 — loonbelastingtabellen, witte en groene tabel, heffingskortingen en tabel bijzondere beloningen.
- Wet op de loonbelasting 1964 en Wet financiering sociale verzekeringen — inhoudingsplicht en premie volksverzekeringen.
- Rijksoverheid — tarieven inkomstenbelasting en premiepercentages volksverzekeringen 2026.
Bedragen en percentages gelden voor belastingjaar 2026 en zijn afgerond. Controleer voor je eigen situatie altijd de actuele publicaties.